Soms komt de beste marketingcampagne voor onze sector uit een onverwachte hoek. De afgelopen weken kregen we daar een opvallend voorbeeld van.
Naar aanleiding van de escalatie in het Midden-Oosten moesten Belgen betalen voor hun repatriëring: 600 euro per persoon. De kritiek liet niet lang op zich wachten. Met een repatriëringsoperatie die op zijn zachtst gezegd krampachtig verliep toonde de overheid aan dat het geen reisbureau is: tegenstrijdige communicatie over een mogelijke afzet in Egypte of een rechtstreekse verbinding, en uiteraard ook vertraging onderweg.
Onbedoeld onderstreepte het nog maar eens de cruciale meerwaarde van de reisprofessional. Terwijl reizigers die op eigen houtje boekten vaak met grote onzekerheid bleven zitten, werden klanten van reisorganisatoren proactief geïnformeerd en begeleid in een situatie die van uur tot uur evolueerde. In crisismomenten wordt de meerwaarde van professioneel begeleid reizen plots heel tastbaar.
De voorbije weken hebben veel reisorganisaties en reisagenten die meerwaarde ook opnieuw duidelijk onderstreept, niet alleen in daden maar ook in hun communicatie. Laat ons deze situatie inderdaad aangrijpen om die meerwaarde heel hard te onderstrepen. De uitdaging zal er echter in bestaan om die meerwaarde ook buiten crisissituaties overtuigend uit te dragen. Zeker wanneer de situatie in het Midden-Oosten opnieuw de-escaleert, wordt dat opnieuw een belangrijke opdracht voor onze sector.
De spanningen in het Midden-Oosten zorgen ondertussen ook voor een verschuiving in het boekingsgedrag. De interesse voor bestemmingen in West- en Zuid-Europa neemt toe. Dat plaatst onze sector voor een dubbele uitdaging. Enerzijds moeten we in het verkoopgesprek opnieuw de urgentie creëren om vandaag te boeken, zeker nu populaire bestemmingen sneller vol lopen. Anderzijds moeten touroperators en retail voldoende flexibiliteit blijven aanbieden om onzekerheid bij de klant weg te nemen. Het evenwicht tussen urgentie creëren en flexibiliteit garanderen wordt wellicht één van de belangrijkste verkoopargumenten van dit seizoen.
Alsof dat nog niet volstond, kreeg de reissector er deze week ook nog een nationale stakingsdag bovenop. Het was de eerste staking van 2026, nadat de bonden vorig jaar de luchthaven al zeven keer lamlegden, goed voor zowat 275.000 getroffen passagiers. Brussels Airport-CEO Arnaud Feist spreekt van een economische schok: één stakingsdag kost de Belgische economie naar schatting 25 miljoen euro en raakt de hele keten van de reisindustrie. Vorig jaar alleen al werden meer dan 100.000 passagiers van Brussels Airlines getroffen, goed voor 15 miljoen euro verlies. Dat weegt zwaar op een luchtvaartmaatschappij die net probeert haar resultaten te versterken.
Dat brengt mij bij het stakingsrecht. Het stakingsrecht is historisch gegroeid uit sociale conflicten tussen werknemers en werkgevers. Deze week zagen we een nationale staking tegen het overheidsbeleid. Dat opent telkens opnieuw het debat over proportionaliteit – en over de economische impact van zulke acties.
Het wordt hoog tijd dat België werk maakt van een minimale dienstverlening voor essentiële infrastructuur. Het kan niet dat een luchthaven, een haven of een compleet logistiek netwerk volledig stilvalt omdat bij wijlen een handvol mensen het werk neerlegt. Kijk naar wat er deze week gebeurde in de havens van Antwerpen en Zeebrugge. Door een maritieme staking in onder meer de verkeerstoren van Zeebrugge en later ook de verkeerscentrale van Zandvliet moesten meer dan tachtig schepen wachten op de Noordzee. Dat zijn geen symbolische acties meer, maar het aanrichten van economische schade.
Het stakingsrecht blijft fundamenteel en demonstreren kan en moet in een democratie. Maar in sectoren die cruciaal zijn voor de werking van een land, mag ook verwacht worden dat een minimale dienstverlening gegarandeerd blijft. Niet om protest onmogelijk te maken, wel om te vermijden dat een hele economie – en in ons geval de burgerluchtvaart en de reissector – gegijzeld wordt.
Reizen is meer dan een product of een sector. Het recht op vakantie is historisch ook een sociaal streven geweest. En mobiliteit is wat mij betreft ook een fundamenteel recht. Net daarom is het zo belangrijk dat reizen goed georganiseerd, veilig en vooral permanent toegankelijk blijft.